ISO staat voor kwaliteit

Als een fotograaf fotografeert op ISO 100, is de kans zeer groot dat de foto beste beeldkwaliteit haalt. ISO 100 is meestal de native ISO-waarde van een camera met het meeste dynamisch bereik wat resulteert in een ruisvrije foto.

Desondanks zijn er fotografen die de correcte toepassing van ISO niet strikt volgen. Ze stellen dat het beeld het belangrijkste is en niet zozeer de technische kwaliteit. Het lijkt wat vreemd dat fotografen met hoogwaardige apparatuur soms concessies doen aan de technische aspecten, zoals het correct instellen van de ISO-waarde. Het is belangrijk om een balans te vinden tussen creatieve expressie en technische kwaliteit, vooral gezien de investering die wordt gedaan in hoogwaardige apparatuur. 6500 Euro voor een camera met lens en slechte kwaliteit afleveren?

Maar waarom gaat de beeldkwaliteit omlaag bij hogere ISO waarden?

Wanneer er te weinig licht op de beeldsensor valt, zal de camera intern het signaal versterken, vergelijkbaar met het verhogen van het volume op een versterker. Net zoals bij een slechte audiokwaliteit, kan het versterken van een zwak lichtsignaal resulteren in het versterken van ruis en andere ongewenste artefacten in het beeld

Een beeld op ISO100 levert de allerbeste beeldkwaliteit.

De uitspraak: "Ik houd van een beetje korrel, dus fotografeer ik met hoge ISO-waarden" is niet juist. Ruis en korrel zijn niet hetzelfde. Korrel is iets dat aan het einde van de fotobewerking wordt toegevoegd, terwijl ruis in de camera het beeld onscherper maakt door de effecten van kleurruis en helderheidsruis die ontstaan door het versterken van het analoge signaal.

Voor deze foto werd in post processing korrel toegevoegd. Het doel van het toevoegen van korrel kan variëren, afhankelijk van de intentie van de fotograaf. Sommigen gebruiken het om een nostalgische of vintage uitstraling te creëren die doet denken aan oude filmfoto's. Anderen voegen korrel toe om een gevoel van realisme of textuur aan de afbeelding te geven, terwijl anderen het gebruiken als een artistiek element om een bepaalde stemming of atmosfeer te benadrukken.

Er zijn situaties waarin het gebruik van ISO 100 niet mogelijk is. Bijvoorbeeld in omstandigheden met weinig licht, zoals 's avonds of binnen zonder voldoende kunstlicht (en zonder gebruik te kunnen maken van flitslicht), kan ISO 100 resulteren in een te donker belichte foto, zelfs met de langste sluitertijd en het grootste diafragma. In dergelijke gevallen kan het verhogen van de ISO-waarde noodzakelijk zijn om een goed belichte foto te verkrijgen, zelfs als dit gepaard gaat met een hoger ruisniveau. Het is belangrijk om een balans te vinden tussen de gewenste beeldkwaliteit en de noodzaak om voldoende licht binnen te laten voor een goed belichte foto.

Momenten waarop de fotograaf niet de tijd heeft om de optimale instellingen in te stellen, en waar het vastleggen van het beeld prioriteit heeft zijn volstrekt normaal. In situaties zoals snelle actiescènes, spontane gebeurtenissen of fotojournalistieke situaties kan het nodig zijn om snel te handelen en te vertrouwen op instinct en ervaring in plaats van op het finetunen van de instellingen. In dergelijke gevallen is het verdedigbaar om te focussen op het vastleggen van het moment, zelfs als dit betekent dat niet alle instellingen optimaal zijn.

Een voorbeeld hiervan is een fotograaf in een oorlogsgebied waar zojuist een bom is ingeslagen in een ziekenhuis. In dergelijke urgente situaties is snel handelen essentieel, en het kan zelfs worden aanbevolen om de ISO-waarde op de camera op automatisch te zetten, zodat de fotograaf zich kan concentreren op het vastleggen van de gebeurtenissen zonder zich zorgen te hoeven maken over de technische details.

Op deze foto (crop) is er duidelijk waarneembare ruis te zien op de hand en het t-shirt. De foto is genomen met een ISO-waarde van 3200. Gelukkig kunnen moderne camera’s veel beter met ruis om en zijn foto’s met een ISO waarde van 6400 nog perfect bruikbaar.

Het doel van dit artikel is niet om angst op te wekken wanneer ISO-waarde hoger dan 100 gehanteerd worden, omdat dit de kwaliteit kan verminderen. Het is echter wel de moeite waard om te overwegen dat ISO-waarden van bijvoorbeeld 6400 onnodig zijn wanneer het ook mogelijk is om te fotograferen op ISO 400.

Op platformen zoals YouTube zijn er talloze leervideo's over fotografie te vinden. Helaas verschaffen sommige videokanalen foutieve informatie, waarbij mensen die bepaalde technieken niet volledig beheersen, verkeerde adviezen geven.

In een bepaalde leervideo wordt een foto genomen van een zittende dame in een schaduwrijke omgeving met een veel te hoge ISO-waarde. Met een 50mm lens zou een sluitersnelheid van 1/125 (of zelfs lager) een perfect scherpe foto opleveren. Echter, de foto werd genomen met een sluitersnelheid van 1/2000, wat volstrekt zinloos is, omdat hiermee 4 stops aan licht verloren gaan.

Het is opmerkelijk dat de reacties op de video zo positief zijn, ondanks het gebruik van verkeerde camera-instellingen. Reacties zoals "Mooie foto, bedankt voor de instellingen", "Bedankt voor het delen van je instellingen" en "Volgende keer zal ik jouw camerainstellingen gebruiken" laten zien dat veel kijkers de instellingen als nuttig beschouwen, zelfs als ze niet optimaal zijn. Dit benadrukt het belang van het kritisch evalueren van de informatie die wordt gedeeld, vooral op online platforms.

Moderne camera's zijn soms uitgerust met dual native ISO-technologie. Deze functie biedt twee verschillende native ISO-instellingen waarbij sommige camera’s twee verschillende circuits gebruikt om het signaal te verwerken, wat resulteert in een betere prestatie bij zowel lage als hoge ISO-waarden.

Het is interessant dat op een camera zoals de Sony A1 het dynamisch bereik en de beeldkwaliteit beter zijn bij ISO 500 dan bij ISO 400, ondanks dat ISO 400 een lagere waarde heeft en dus theoretisch een betere kwaliteit zou moeten opleveren.

Bij het gebruik van iets hogere ISO-waarden (ISO 500 en meer) zal er over het algemeen geen echt zichtbaar verschil zijn in beeldkwaliteit. Echter, in situaties waarin de lichtomstandigheden bijzonder moeilijk en contrastrijk zijn, kan het gebruik van hoge ISO-waarden resulteren in ruis, vooral zichtbaar op de donkere delen van de foto. Daarom is het altijd raadzaam om de ETTR (expose to the right) methode toe te passen, waarbij je de belichtingsdriehoek zo veel mogelijk naar de hooglichten instelt, om het beste dynamische bereik te behouden en de ruis in de donkere delen te minimaliseren.

Wanneer er geen bewegende delen in de foto zijn, kan de HDR (High Dynamic Range) techniek worden toegepast om optimale beeldkwaliteit te garanderen, bijvoorbeeld bij interieurfotografie. Met HDR neemt de fotograaf dezelfde foto's met verschillende belichtingen (bracketing) en voegt deze later samen in beeldbewerkingssoftware. Om de HDR-techniek toe te passen, is het raadzaam om te fotograferen vanaf een statief, zodat de verschillende belichtingen nauwkeurig kunnen worden samengevoegd zonder dat er bewegingsonscherpte ontstaat.

in een fotostudio waar het flitslicht volledig kan worden gecontroleerd, is het ideaal om een zo laag mogelijke ISO-waarde te gebruiken. Dit helpt bij het behouden van de best mogelijke beeldkwaliteit en minimaliseert ruis. Alleen in gevallen waar de flitsers niet voldoende flitskracht hebben om de gewenste belichting te bereiken, kan het nodig zijn om de ISO-waarde te verhogen om de belichting te compenseren.

Lage ISO-waarden en correcte belichting leveren over het algemeen de beste beeldkwaliteit op, maar in situaties met weinig licht kan het nodig zijn om hogere ISO-waarden te gebruiken om onscherpte te voorkomen, vooral als een te hoge sluitersnelheid wordt gehanteerd. Het is daarom van cruciaal belang voor fotografen om de juiste instellingen van de belichtingsdriehoek toe te passen voor een optimaal beeldresultaat, met in gedachten dat de inhoud van de foto altijd prioriteit heeft. Zodra de fotograaf de mogelijkheid heeft om de foto beter te belichten door kunstmatig licht te gebruiken, is dit dan ook aan te raden dat hij/zij dit ook leert toe te passen.